Sneeuwpret? Welke app moet ik daar voor downloaden?

Waar zijn de kinderen spelend in de sneeuw? De hei is prachtig wit, de sneeuw is nog zo goed als onaangetast. Ik wandel ruim een uur, zon op mijn gezicht en wind door mijn haren. En toch is er steeds één gedachte die zich aan mij opdringt. Waar zijn de kinderen? Ik hoor je denken: op school natuurlijk.

Het is dinsdag 12 december, de leraren van het basisonderwijs staken. Er geen kind te zien. Geen vader of moeder met slee, geen sneeuwpop en geen verloren handschoen of muts.

Muts
Ik ben in een winkelcentrum en ik hoor een moeder zeggen. ‘Als het weer gaat sneeuwen heb je in ieder geval een muts, dan kun je wel naar buiten’. En dan ineens zie ik het voor me.

Ze worden wakker, het sneeuwt en er ligt al een aardig pak. De jongen kijkt naar buiten en legt zijn tablet weg. ‘Mam, waar is mijn muts? Ik wil naar buiten!’ Zijn moeder kijkt verbaasd. Naar buiten? Wil hij naar buiten? Naarstig zoekt ze in de dozen bovenop de kapstok naar een muts. De enige muts die ze vindt is een muts van toen hij vier was. Hij is inmiddels acht, dat zal wel niet meer passen. En dus blijven ze binnen en kijken ze samen een kerstfilm.

Buiten is saai
Weer een paar dagen later spreek ik een jongen van zeven. Ik vraag of hij nog lekker in de sneeuw gespeeld heeft. Hij kijkt me aan alsof ik hem zojuist gevraagd heb om een regenworm te eten. Hij snuift en zegt: ‘Nee joh, buiten is het echt saaaaai! Buiten heb je niks te doen’.

In een flashback zie ik mezelf als klein meisje met een slee. Op de helling bij mijn ouders achter het huis. We maakten ijsbanen, sneeuwpoppen, gleden de heuvel af, gooide sneeuwballen en lieten ons achterover in de sneeuw vallen.

Om me heen zie ik hoe schermpjes langzaam het buitenspelen verdringen.
Ik laat me op de hei achterover vallen in de sneeuw en denk: wat is het heerlijk om saai te zijn.

Tip:
Laat je kind een middag bepalen waar hij of zij buiten wil spelen. Weet je geen leuke plek? Zoek er dan samen één op via internet. En ga samen ontdekken hoe leuk buitenspelen kan zijn. Delen jullie je belevenissen/locaties onder deze blog?

Met dank aan Loko Cartoons voor de bijpassende cartoon.  https://www.lokocartoons.nl

Ken jij al een kleuter met een mobiel?

400 Nederlandse kleuters hebben een mobieltje. 400 kleine kinderen tussen de 4 en 6 jaar. Ik probeer me voorstellen hoe dat er uit ziet. Kleuters met een mobieltje. Ik zie direct het beeld voor me van mijn dochter, nu nog maar 2 jaar, die met haar speelgoedtelefoon aan haar oor door het huis loopt en ‘ooooi oema’ (hoi oma) tegen het roze plastic ding roept.

Direct daarna volgt de gedachte: ‘Wat moet een kleuter met een mobiele telefoon?’ En eerlijk gezegd, ik kan voor mezelf geen geschikt antwoord bedenken op deze vraag.

‘Dan kan hij mij bereiken’

Ik lees diverse artikelen waarin anderen deze vraag wel beantwoorden. ‘Het is fijn dat ik mijn kind kan bereiken en hij mij’. Interessant hoeveel vragen dit antwoord vervolgens weer bij mij oproept: Je kind is thuis, op school, bij vriendjes/vriendinnetjes, op de sportclub of lekker buiten aan het spelen. In alle situaties is er een volwassene in de buurt waar je kind zich kan melden bij problemen, toch? En als hij buiten speelt dan hoop ik dat je zelf dichtbij bent voor toezicht, je kind is immers nog maar een kleuter. En waarom zou een kleuter je moeten bellen? Om te zeggen dat hij per ongeluk in zijn broek geplast heeft? Of dat hij straf gekregen heeft van de juf of om te zeggen dat hij de traktatie van Jantje niet zo lekker vindt?

In geval van nood vergeten ze alles, zelfs hun eigen naam

Een ander antwoord op deze vraag kan zijn: ‘Op het moment dat mijn kind in gevaar is kan hij mij bellen’. Aan welk soort gevaar moet ik dan denken? In de sloot vallen, verdwalen, gat in zijn knie of enge meneren die je kind mee willen nemen?

Mijn ervaring met kleuters is dat ze in geval van nood, overmand door emoties, niet meer kunnen praten, niet weten waar ze wonen en soms niet eens weten wat hun eigen naam is. Dus hoe reëel is het om te denken dat een kleuter in geval van nood in staat is om je te bellen?

Eigen schuld, dikke bult?

En ik vraag me af, hoe zit het eigenlijk met ‘verantwoordelijkheid’? Ik bedoel, draag je met het aanschaffen van een mobiel een stukje verantwoordelijkheid voor veiligheid over van jezelf naar je kind? Onder het mom, je kunt me bellen en als dat niet lukt: eigen schuld, dikke bult?

In mijn ogen moet een kleuter altijd kunnen spelen, zonder besef van tijd. Volledig opgaan in fantasie. En weten dat er altijd iemand in de buurt is die voor ze zorgt op het moment dat dat nodig is.

Hoe sta jij hier in? Deel het met me!

Online imago

 

De vraag die andere jonge ouders mij vaak stellen is waarom ik mijn dochter niet of nauwelijks (herkenbaar) online laat zien op Facebook, Instagram of andere social media kanalen.

Het antwoord op die vraag is meer een gevoelskwestie. Zoals opvoeden dat eigenlijk altijd is. Je doet maar wat, leest wat, maakt keuzes, kijkt en voelt of het bij je past en stelt zo nodig besluiten bij.

Eenmaal online, altijd online

Natuurlijk mocht de hele wereld weten dat onze dochter geboren was. Wij, kersverse ouders, waren zo trots. De ene foto na de andere slingerde we ongecensureerd het web op. De maanden verstreken en het delen werd minder. Onze gedachte was: eenmaal online is voor altijd online, voor nu maar ook voor de verdere toekomst. Willen we dat?

Het voelde niet goed, dus deden we het niet zo vaak meer en zeker niet openbaar. We stapten over op het delen van foto’s via WhatsApp en maakten diverse groepen aan om foto’s alleen met familie en vrienden te kunnen delen.

Tijdens mijn opleiding tot MediaCoach werd mijn blik nog kritischer en stelde ik mezelf vragen ook als:

Waarom deel ik online foto’s van mijn dochter?

Wat betekent het voor haar, voor nu maar ook voor later?

Welke invloed heeft het op haar toekomst?

‘Online imago’

De antwoorden op die vragen waren niet eenduidig, we kunnen immers niet in de toekomst kijken. Wel weet ik zeker dat de ‘online wereld’ in de komende jaren nog van veel grotere invloed gaat worden dan nu. En daarom vind ik het ook belangrijk om stil te staan met welk ‘online imago’ ik mijn dochter op laat groeien.

Grappige mijlpalen & koude rillingen

En toen kwam ineens het bericht dat de politie steeds vaker onschuldige huis-, tuin-, en vakantiekiekjes van kinderen aantreft in de collectie van pedofielen, verscholen op een duister netwerk, maar verworven door gewoon op social media rond te struinen.

De foto’s van haar eerste stapjes, het filmpje van de macaroni tot achter haar oren. Voor ons belangrijke mijlpalen en grappig. Maar door andere ogen bestaat de kans dat deze beelden ineens met een ander doel bekeken worden. Een idee waar ik echt koude rillingen van krijg.

Mijn dochter mag zijn wie zij is

Toen besloot ik:

  • geen (herkenbare) foto’s meer online en
  • zeker niet openbaar.

Met vrienden en familie hebben we de afspraak gemaakt dat ze nooit zonder onze toestemming foto’s plaatsen, delen of naar anderen versturen. En ik moet eerlijk zijn, soms barsten we bijna uit elkaar van trots en willen we haar met de hele wereld delen. Dan bespreken mijn man en ik het met elkaar en maken we opnieuw een overweging. Meestal komen we tot de conclusie dat wij het vooral belangrijk vinden dat zij voelt dat wij trots op haar zijn, dat ze mag zijn wie ze is.

En daar heeft zij de ‘likes’ van de rest van de wereld volgens mij niet voor nodig…