Mag het iets minder… PERFECT?

Kinderen krijgen vandaag de dag ontzettend veel beelden op hun netvlies.  En vaak zijn deze beelden onrealistisch. Mooie, te perfecte plaatjes. Wat doe je daar tegen als ouder? Hoe ga je daar als school mee om?

We worden elke dag weer bestookt met die zogenaamde perfectie. We werken er zelf aan mee. Ook wij kiezen graag allemaal de mooiste, leukste en perfecte plaatjes en verhalen uit om met de buitenwereld te delen. Dit draagt bij aan het beeld dat iedereen altijd en overal gelukkig en perfect is. Volkomen onrealistisch natuurlijk. (Je zou mij eens moeten zien als ik na een nacht met te weinig slaap ’s ochtends chagrijnig mijn bed uit kom…)

Ik merk dat veel kinderen dit onrealistische beeld van een perfecte wereld in zich opnemen en dit beeld als waarheid gaan zien. Kinderen vertellen tijdens mijn workshops vaak persoonlijke verhalen. Dat zij zichzelf saai, stom en/of lelijk vinden, omdat zij er niet zo uitzien als de mensen die zij via Instagram volgen. Dat maakt ze onzeker en soms ook verdrietig. Gek genoeg ‘weten’ zij dat het beeld dat mensen online van zichzelf laten zien, altijd mooier is dan de werkelijkheid. Maar hun gevoel zegt toch dat zij pas meedoen als zij ook aan dat perfecte plaatje voldoen.

Kinderen jutten zichzelf en elkaar op om perfectie na te streven. Faal je, dan doe je niet meer mee. Ik ken dit wel. Vroeger wilden mijn vriendinnen en ik zo goed mogelijk op de Spice Girls lijken. Dezelfde kleding en kapsels, en de dansjes zo perfect mogelijk na doen. Dat lukte natuurlijk niet. Maar ‘who cares’, er was immers toch geen bewijs van onze gekke acties. Misschien wat foto’s, maar die liet je dan gewoon aan niemand zien. Met de komst van internet, met wifi, is dit totaal veranderd. Vandaag de dag kijkt er altijd en overal iemand met je mee, klaar om jouw acties via zijn smartphone met de wereld te delen.

Wifi-generatie
De wifi-generatie legt alles vast. Met één druk op de knop staat alles online, zichtbaar voor de hele wereld. Er is geen weg terug. Het staat online nog voordat ze nagedacht hebben over wat er volgt. Is het slecht dat ze alles delen? Nee, ik denk niet perse dat het slecht is. Is het nodig dat we kinderen leren wat de impact van zo’n actie kan zijn? JA!

Hoe de knoppen werken, weten de meeste kinderen wel. Ik vind het belangrijk om kinderen te leren hoe ze media verstandig kunnen gebruiken. Reflectie, bewustwording en het opnieuw onderzoeken van de online normen en waarden. Ik vind dat drie essentiële onderdelen van mediawijsheid.

Om dit goed aan te pakken is samenwerking essentieel. Dit vraagt structurele aandacht van ons als samenleving. Hoe mooi zou het zijn als scholen, ouders en welzijn samen gaan werken en kinderen echt leren digitaal vaardig te zijn.

Opvoeden in het digitale tijdperk is voor iedereen nieuw. We hebben geen voorbeelden van vroeger. Het is vallen en opstaan in deze snelle en veranderlijke wereld. En hoe eerder kinderen weten wat de impact is van hun gedrag op social media in het bijzonder, hoe beter.

Ik start vanaf oktober met een mooi project over mediawijsheid in een wijk in Amersfoort. Een project waarin basisscholen, ouders en het welzijnswerk betrokken worden. Ik kijk er naar uit!

www.lagendijk-empowering.nl

Please follow and like us:

Cyberpesten – Workshop ter bewustwording

Cyberpesten. Pesten via internet heeft net als ‘gewoon’ pesten een grote impact.

Als je iets gemeens tegen iemand zegt, dan breekt er iets. In mijn workshops is er altijd iets te ‘beleven’. Afgelopen zomer gaf ik een workshop over cyberpesten bij StudieZomerZalen in Amsterdam. Ik deelde porseleinen bordjes uit, onverkoopbare afdankertjes uit de kringloopwinkel.

‘Dit bordje is iemand. Iemand met een hart en met gevoelens. Schrijf op dit bordje iets gemeens of onaardigs.’ Verbaasde blikken. Sommige gingen ‘los’, anderen konden niet geloven dat ze echt mochten schelden. Toch werden de borden volgeschreven.

We lieten de borden vallen en riepen daarna heel hard SORRY! ‘En? Helpt dat?’. De groep viel even stil. Starend naar de scherven kwamen de reacties:

‘Nee, sorry helpt niet meer.’ ‘Zelfs als je het lijmt zul je altijd blijven zien dat er iets gebroken is’. ‘Als je iemand uitscheld of pest, breek je dus eigenlijk iemands hart…’. ‘Nu ik dit zie vind ik pesten eigenlijk echt heel erg…’.

Sommige borden bleven heel, anderen waren in duizend stukjes. Alle leerlingen hebben nu een klein scherfje op zak. Dit scherfje herinnert hen aan de workshop. Een reminder dat je altijd een keuze hebt: aardig zijn of iemand breken.

Wil je op jouw school of naschoolse opvang ook graag een workshop over cyberpesten? Kijk dan hier

Please follow and like us:

Geluk

Wat wil je later worden? ‘GELUKKUG’. Bij het opruimen van de zolder vind ik mijn vriendenboekje van de basisschool. Leuk om te lezen wat we vroeger allemaal wilden worden. En leuk om nu via LinkedIn en andere sociale media te zien wat er uiteindelijk van ons geworden is. Wel opmerkelijk. Slechts één iemand heeft opgeschreven dat ze gelukkig wilde worden. Blijkbaar droomden we allemaal van meeslepende levens als astronaut, juf, brandweerman of moeder.

Geluk is niet meer wat het geweest is
Tijdens mijn workshops Mediawijsheid met kinderen op de basisschool komen de woorden ‘rijk’, ‘beroemd’ en ‘vlogger’ veelvuldig voor als antwoord op de vraag: wat wil je later worden? Velen denken oprecht dat ‘rijk zijn’ de overtreffende trap is van geluk. Het woord ‘geluk’ heeft in de afgelopen 20 jaar naar mijn idee een andere betekenis gekregen. Geluk lijkt iets ‘maakbaars’ te zijn geworden en staat gelijk aan (zeer) succesvol zijn.

Van maakbaar naar realiteit
Ik zou willen dat we de volgende zin niet meer uitspreken naar kinderen. ‘Als je maar wilt en hard genoeg je best doet, kun je alles bereiken.’  Ik hoor deze zin te vaak. Het is gewoon niet waar. Soms werk je ergens heel erg hard voor en lukt het niet. Gewoon, omdat je sommige dingen simpelweg niet kunt. De boodschap die we kinderen met deze zin geven is feitelijk: is het niet gelukt? Eigen schuld, dikke bult. Had je maar beter je best moeten doen. Zo oneerlijk! Dus hoe dan wel?

Als MediaCoach geef ik inzichten over social media aan kinderen, leerkrachten en ouders. Wat doet het met je en hoe gebruik je het op een goede manier? En omdat ik te veel kinderen tegenkom (en ook ouders) die worstelen met de druk om te presteren vanuit de verwachting dat alles maakbaar is, start ik in september ook met geluksworkshops.

Vanuit de realiteit gelukkig zijn
Geluksworkshops om kinderen weer te laten ervaren hoe het anders kan. Gevoed door alle beelden, die dagelijks op hun netvlies voorbij komen, proberen ze een perfect beeld van zichzelf en hun omgeving te creëren. Ze zijn zichzelf aan het verliezen in de ratrace van onze maatschappij. Dat eist zijn tol, veelal in de vorm van klachten als hoofdpijn, buikpijn, vermoeidheid en concentratieproblemen. Of erger nog: burn-out.

Geluksworkshops om kinderen uit deze ratrace te halen die al vroeg begint. Vanaf het eerste bezoek aan het consultatiebureau ‘moet’ je aan een norm voldoen. Vervolgens blijven we toetsen, meten en schaven tot we er het beste uitgehaald hebben. Letterlijk. Wat zou er gebeuren als we het beste er in lieten zitten?

Geluk is omgaan met pieken en dalen
Zelf ben ik niet rijk, ik heb geen miljoenenbusiness en ik heb ‘slechts’ 598 volgers op Instagram. Mijn leven is niet perfect. Mijn haar zit in de war als ik wakker word, wat ik kook ziet er nooit uit zoals in het kookboek en ik heb geen killerbody. Er zijn pieken en soms diepe dalen. Maar als het een dagje niet lekker loopt, durf ik met alle kennis en ervaring te vertrouwen op mezelf. En dat is volgens mij is de definitie van GELUK.

Nieuwsgierig geworden naar hoe je kan vertrouwen op jezelf, hoe je in de buurt kan komen van gelukkig zijn? Wil je kinderen leren hoe ze ondanks alle beelden van social media zichzelf kunnen blijven? Na de zomer geef ik geluksworkshops, speciaal voor kinderen van de basisschool. Gun jij je leerlingen ook meer geluk? Mail me via: marije@lagendijk-empowering.nl en ik vertel je er meer over!

Please follow and like us:

Alleen stilte geeft (on)rust

In de sauna waar ik ben zie ik een bordje met de tekst: ‘Alleen stilte geeft rust’. Het sluit mooi aan bij een tekst die ik vorige week las over verveling. Verveling is goed voor je, even niets doen geeft je brein de mogelijkheid om weer creatief na te denken, tot rust te komen en nieuwe verbindingen te leggen.

Het zet me aan het denken. Wanneer doe ik eigenlijk niets? Wanneer verveel ik mij nog? En ik moet concluderen dat die momenten zelfden tot nooit meer voorkomen. Elk potentieel ‘verveel-moment’ is er altijd de afleiding van mijn smartphone.

Kan ik me nog vervelen?
Ik ben benieuwd of ik me nog kán vervelen. Dus maak ik met mezelf de afspraak: als je ergens moet wachten laat je je telefoon in je tas. Geef je brein rust.

Ik begin in de wachtkamer bij de fysio, ik ben een kwartier te vroeg. Ik zit daar alleen en staar voor me uit, mijmerend over nieuwe leuke opdrachten. 5 minuten ‘onderweg’, tot zo ver gaat het goed. Dan komt er een man binnen, hij gaat twee stoelen verder zitten en pakt zijn telefoon. Na een paar minuten bekruipt mij een onrustig gevoel. Diverse gedachtes poppen op: goh, die man zal wel denken: wat zit zij wazig voor zich uit te staren. Hoe laat zou het zijn? Zou ik al antwoord hebben op die ene mail? Oh ik kan wel even opzoeken hoe laat ik morgen weg moet. Na ongeveer 8 minuten voel ik mij zo ongemakkelijk dat ik toch mijn telefoon pak.

Later in die week zit ik in een restaurantje, te wachten op een vriendin. Zij appt mij dat ze in de file staat en dat ze wat later is. Weer een mooi moment voor een nieuwe test. Ik bestel een kop verse muntthee, ik staar naar buiten en geniet van het momentje voor mezelf. Mijn glas is leeg en de serveerster haalt het van tafel. En daar zit ik dan, helemaal alleen. Aan een lege tafel, niets om handen. Mijn smartphone schreeuwt onhoorbaar om aandacht, het laat zich bijna niet negeren. Gadver, wat een ongemakkelijk gevoel. Dat valt nog niet mee om je te vervelen….

Dit blog is een vervolg op een eerder blog: 
https://lagendijk-empowering.nl/2018/04/13/smartphone-verslaafd-hoe-nu-verder/

Please follow and like us:

Opvoeden in het digitale tijdperk

mediawijsheid mediaopvoeding

 

Hoe was het vandaag op school? Je gaat met je kind in gesprek over wat er goed ging of wat er niet leuk was. Tot zover niks nieuws, toch?

Hoe was het vandaag online? Stel je die vraag weleens? En zo nee: waarom niet? Vreemd toch?

Als je kind van huis gaat, vraag je waar je kind naartoe gaat en bij wie het gaat spelen. En bij een eerste speelafspraak maak je eerst even kennis met de vader of moeder van het andere kind. Heel vanzelfsprekend, toch?

Mijn moeder zei vroeger altijd: ‘Als je buiten speelt en iemand vraagt of je mee wilt gaan, dan kom je dat eerst even tegen me zeggen en vragen of het goed is. Nooit zo maar met iemand mee gaan. Ik wil weten waar je bent!’ En zo waren er nog wel meer afspraken. Als kind vond ik dat maar irritante regels. Toch gaf het mij de vrijheid om alleen buiten te spelen, met mensen te praten en zelf op ontdekking uit te gaan. Mijn ouders stelden duidelijke kaders en daarbinnen was ik vrij.

Wees nieuwsgierig

Opvoeden in het digitale tijdperk zet je als ouder voor nieuwe uitdagingen. Vraagstukken waar je zelf nog niet mee te maken gehad hebt. Het ontbreekt ons aan voorbeelden uit onze eigen jeugd.

Je hoort en leest veel verschillende en zelfs tegenstrijdige verhalen over hoe je je kind mediawijs op moet voeden. Je ziet door de bomen het bos niet meer en eigenlijk doe je maar wat.

Is dat erg? Nee! Zomaar wat doen is altijd beter dan niks doen! Realiseer je dat opvoeden in het digitale tijdperk in basis niet veel anders is dan ‘gewoon’ opvoeden. De kern van ‘mediawijs opvoeden’, zit hem in de begeleiding die je je kinderen biedt in hun online ontdekkingstocht. Stel vragen, wees nieuwsgierig, weet wat ze doen en weet hoe de populaire apps werken.

Afschermen en beschermen

Je kunt je kind niet van alles afschermen. Kinderen leren juist hoe ze zich ‘moeten’ gedragen op het moment dat ze een (lastige) situatie tegenkomen en er een volwassene is die ze helpt, ondersteunt, met ze praat en dingen uitlegt. Kinderen hebben behoefte aan iemand die ze richting en duiding geeft. Zo gaat het ook met mediawijsheid. Stel je voor: je hebt een internetfilter om eventuele nare beelden af te schermen. Fijn, nu ziet je kind in ieder geval geen nare beelden meer.

En dan: op weg van school naar huis passeer je met de auto een gruwelijk ongeluk. Beelden die eigenlijk niet geschikt zijn voor kinderen. Of je kinderen zijn nog beneden op het moment dat het achtuur journaal opent met een heftig onderwerp. Je kinderen zien het, schrikken er van, stellen er vragen over, zijn nieuwsgierig. Wat doe je dan?

Dan leg je uit wat ze zien en je stelt ze gerust. Je praat er over, je vraagt wat het met ze doet en je biedt voor het slapengaan nog een luisterend oor als je kinderen onverhoopt niet kunnen slapen.

Ga in gesprek

Zorg dat het normaal wordt om te praten over wat jullie als gezin online meemaken, bespreek wat dat met jullie doet en grijp situaties in de media aan om het gesprek te openen.

Afgelopen Koningsdag werden er via sociale media veel nare berichten geschreven over het uiterlijk van prinses Amalia. Grijp zo’n situatie aan om met je kinderen te praten over wat er online gebeurt. Wat vinden ze van dit soort berichten, hoe zou het voor Amalia zijn om deze berichten te lezen, waarom zouden mensen zulke berichten schrijven? Uit zulke gesprekken krijg je informatie over hoe je kinderen zich online gedragen en welke normen en waarden zij daarin hanteren.

Dus als ik praat met mijn kind over (sociale) media is dat genoeg? Nee, er is meer nodig. Stel grenzen, geef kaders. Wees duidelijk over wanneer je kind online mag, hoe lang, wat hij dan mag doen en wat niet. En geef zelf natuurlijk het goede voorbeeld.

Ik daag je uit

Wil je graag vaker met je kinderen praten over het online gedrag binnen jullie gezin? Ik daag je uit voor een leuke gezinschallenge:

Elk gezinslid met toegang tot een tablet of smartphone maakt een week lang elke dag 1 foto van wat hij/zij online meemaakt. Na een week kiezen jullie een moment om alle foto’s te bekijken en elkaar te vertellen over wat je online gedaan hebt. Wat vond je leuk of niet leuk? De maker van de leukste, gekste en/of origineelste foto is de winnaar. De winnaar hoeft die week een vervelend klusje niet te doen.

Je kunt, als je het leuk vindt, de winnende foto via Instagram met mij delen, gebruik dan de hashtag #mijnkindmediawijs. Gebruik je liever geen sociale media, maar wil je toch jullie verhaal delen? Mailen mag ook: marije@lagendijk-empowering.nl Ik ben benieuwd naar jullie verhalen! Veel plezier!

Dit blog is ook verschenen op:  https://www.ska.nl/actueel/2018/05/01/opvoeden-in-het-digitale-tijdperk-blog-door-marije-lagendijk/

Meer blogs lezen? Klik hier: https://lagendijk-empowering.nl/category/blog/

Please follow and like us:

Smartphone verslaafd? Hoe nu verder?

“Daar kom ik niet aan toe”. “Daar heb ik geen tijd voor”. Ik roep het graag en ik geloof dat het ook echt zo is. Maar is het eigenlijk wel waar? Of is er iets anders aan de hand? Ben ik misschien smartphone verslaafd? Ik zocht het uit.

Meten is weten

Ik installeer een app (QualityTime) die mijn telefoongebruik nauwkeurig registreert. Het resultaat is schokkend.

Op 1 dag heb ik:
– 180 keer mijn scherm ontgrendeld
– 395 keer een app geopend
– Mijn telefoon ruim 4 uur gebruikt

Daarvan was ik in totaal:

  • 1,5 uur op social media (WhatsApp, Facebook en instagram
  • 1 uur op allerlei sites nutteloze feitjes aan het lezen
  • 1,5 uur aan het Candycrushen

Aantrekkingskracht van piepjes en bliepjes

Mijn telefoongebruik is ernstig verweven met alles wat ik doe. De piepjes en bliepjes verleiden mij steeds om toch even te kijken. Veel tijd van de dag gaat zitten in het kijken naar de ‘beloning’ die achter die bliepjes schuilgaat. Een like, een comment, een appje. Tijd glijdt ongemerkt voorbij. Bij het opzoeken van een recept ben ik zo een half uur verder, omdat de Facebook meldingen rood schreeuwend bovenin mijn scherm verschijnen. Vaak weet ik daarna niet eens meer precies waarom ik in eerste instantie mijn telefoon gepakt had.

Dit gedrag riekt naar verslaving. En dat bevalt me niet. Mijn telefoon slokt te veel tijd op. Wat ik doe is in veel gevallen volkomen nutteloos.  Want waarom zou ik willen weten dat de buurvrouw van mijn achternicht jarig is en dat Piet dat leuk vindt. Waarom deel ik dat ik met mijn dochter bij de kinderboerderij ben als iedereen eigenlijk wel weet hoe een kinderboerderij er uit ziet?

En kom op: Candy Crush level 1380…? In al die voorgaande levels had ik boeken kunnen lezen, aan een killerbody kunnen werken, gesprekken kunnen voeren, naar buiten kunnen gaan, blogs kunnen schrijven of een gek dansje kunnen doen met mijn dochter.

Cold Turkey

Tijd voor actie. Cold turkey afkicken lijkt mij weinig succesvol. De bliepjes en piepjes uitzetten gaat mij nu nog 1 stap te ver, mijn FOMO (Fear of Missing Out) is nog te groot.
Gelukkig heb ik thuis een potentiele hulpverlener: mijn kat. Het beest weegt 6 kilo en eenmaal op schoot laat hij zich niet meer verplaatsen. Dus…. Als ik mijn telefoon nou net buiten mijn bereik leg voordat ik ’s avonds op de bank plof?

Hoe zou het zijn om weer eens met volledige aandacht een boek te lezen of televisie te kijken?
Of gewoon niksen, me ouderwets vervelen. Verveling schijnt heel goed voor je te zijn. Van even niksen kom je te rust en word je creatiever. Maar kan ik me nog wel vervelen? Tijd voor een ander experiment! Daarover meer in mijn volgende blog.

Please follow and like us:

Maak van je kind geen pornoster

Je kind in handen van een pedofiel. Het is het schrikbeeld van elke ouder. En toch zijn er inmiddels al honderden Nederlandse kinderen in handen van een pedofiel. Niet één pedofiel maar wel duizenden tegelijk.

Steeds vaker duiken foto’s van social media op in grote internationale kinderporno netwerken. Onschuldige kiekjes worden bekeken, gemanipuleerd, bewerkt tot kinderporno en massaal verspreid. Het aantal meldingen hierover stijgt zo snel dat de politie in juli 2017 sprak van een nationale dreiging.

Herkenbaar en poedelnaakt

Als MediaCoach ben ik veel online. Ik verbaas me dagelijks over de foto’s die ouders ongegeneerd het (openbare) net op slingeren. De score na een uurtje op Instagram: dreumes poedelnaakt op het strand in een zonnig oord, kleuter half naakt in het zwemparadijs, twee jongetjes die elkaar op de mond kussen en een tienermeisje in een super strak turnpakje. Alle kinderen volledig herkenbaar in beeld. Waarom deel je dergelijke foto’s eigenlijk? De meest gehoorde reactie is: ‘Gewoon, omdat het leuk is’. Maar het is niet gewoon leuk, het gaat om de privacy en veiligheid van jouw kind.

Applaus

En voor wie doe je het? Ik heb nagedacht over waarom ik vroeger foto’s van mijn dochter het internet op slingerde. Ik ben enorm trots op mijn kind. Mijn kind is leuk, schattig, grappig en de hele wereld mocht het weten. Nog leuker was het als er veel likes en reacties kwamen. Dan kreeg ik ‘applaus’ voor hoe geweldig mijn kind is. Conclusie: eigenlijk deed ik het puur voor mezelf…

Geen smoezelig oud mannetje

Je waant je als ouder veilig, je hebt tenslotte je Facebookprofiel zo afgesteld dat alleen vrienden je foto’s kunnen bekijken. En je hebt je Instagramaccount op privé gezet. Maar ik denk dan toch aan de reacties die in de media verschijnen op het moment dat er een pedofiel in de kraag gegrepen wordt. ‘Het was zo’n aardig, normaal, gezellig, betrokken iemand’. Een pedofiel is geen smoezelig oud mannetje. Een pedofiel is iemands man, vriend, vader, moeder, collega, buurman, broer of zus.

Lieve ouders, bescherm de privacy van je kinderen en maak van je kinderen geen handelswaar.

Wil je tips over hoe je op een creatieve en veilige manier je kinderen toch op social media kunt delen? Klik hier en ontvang 3 gratis tips!

Please follow and like us:

Sneeuwpret? Welke app moet ik daar voor downloaden?

Waar zijn de kinderen spelend in de sneeuw? De hei is prachtig wit, de sneeuw is nog zo goed als onaangetast. Ik wandel ruim een uur, zon op mijn gezicht en wind door mijn haren. En toch is er steeds één gedachte die zich aan mij opdringt. Waar zijn de kinderen? Ik hoor je denken: op school natuurlijk.

Het is dinsdag 12 december, de leraren van het basisonderwijs staken. Er geen kind te zien. Geen vader of moeder met slee, geen sneeuwpop en geen verloren handschoen of muts.

Muts
Ik ben in een winkelcentrum en ik hoor een moeder zeggen. ‘Als het weer gaat sneeuwen heb je in ieder geval een muts, dan kun je wel naar buiten’. En dan ineens zie ik het voor me.

Ze worden wakker, het sneeuwt en er ligt al een aardig pak. De jongen kijkt naar buiten en legt zijn tablet weg. ‘Mam, waar is mijn muts? Ik wil naar buiten!’ Zijn moeder kijkt verbaasd. Naar buiten? Wil hij naar buiten? Naarstig zoekt ze in de dozen bovenop de kapstok naar een muts. De enige muts die ze vindt is een muts van toen hij vier was. Hij is inmiddels acht, dat zal wel niet meer passen. En dus blijven ze binnen en kijken ze samen een kerstfilm.

Buiten is saai
Weer een paar dagen later spreek ik een jongen van zeven. Ik vraag of hij nog lekker in de sneeuw gespeeld heeft. Hij kijkt me aan alsof ik hem zojuist gevraagd heb om een regenworm te eten. Hij snuift en zegt: ‘Nee joh, buiten is het echt saaaaai! Buiten heb je niks te doen’.

In een flashback zie ik mezelf als klein meisje met een slee. Op de helling bij mijn ouders achter het huis. We maakten ijsbanen, sneeuwpoppen, gleden de heuvel af, gooide sneeuwballen en lieten ons achterover in de sneeuw vallen.

Om me heen zie ik hoe schermpjes langzaam het buitenspelen verdringen.
Ik laat me op de hei achterover vallen in de sneeuw en denk: wat is het heerlijk om saai te zijn.

Tip:
Laat je kind een middag bepalen waar hij of zij buiten wil spelen. Weet je geen leuke plek? Zoek er dan samen één op via internet. En ga samen ontdekken hoe leuk buitenspelen kan zijn. Delen jullie je belevenissen/locaties onder deze blog?

Met dank aan Loko Cartoons voor de bijpassende cartoon.  https://www.lokocartoons.nl

Please follow and like us:

Ken jij al een kleuter met een mobiel?

400 Nederlandse kleuters hebben een mobieltje. 400 kleine kinderen tussen de 4 en 6 jaar. Ik probeer me voorstellen hoe dat er uit ziet. Kleuters met een mobieltje. Ik zie direct het beeld voor me van mijn dochter, nu nog maar 2 jaar, die met haar speelgoedtelefoon aan haar oor door het huis loopt en ‘ooooi oema’ (hoi oma) tegen het roze plastic ding roept.

Direct daarna volgt de gedachte: ‘Wat moet een kleuter met een mobiele telefoon?’ En eerlijk gezegd, ik kan voor mezelf geen geschikt antwoord bedenken op deze vraag.

‘Dan kan hij mij bereiken’

Ik lees diverse artikelen waarin anderen deze vraag wel beantwoorden. ‘Het is fijn dat ik mijn kind kan bereiken en hij mij’. Interessant hoeveel vragen dit antwoord vervolgens weer bij mij oproept: Je kind is thuis, op school, bij vriendjes/vriendinnetjes, op de sportclub of lekker buiten aan het spelen. In alle situaties is er een volwassene in de buurt waar je kind zich kan melden bij problemen, toch? En als hij buiten speelt dan hoop ik dat je zelf dichtbij bent voor toezicht, je kind is immers nog maar een kleuter. En waarom zou een kleuter je moeten bellen? Om te zeggen dat hij per ongeluk in zijn broek geplast heeft? Of dat hij straf gekregen heeft van de juf of om te zeggen dat hij de traktatie van Jantje niet zo lekker vindt?

In geval van nood vergeten ze alles, zelfs hun eigen naam

Een ander antwoord op deze vraag kan zijn: ‘Op het moment dat mijn kind in gevaar is kan hij mij bellen’. Aan welk soort gevaar moet ik dan denken? In de sloot vallen, verdwalen, gat in zijn knie of enge meneren die je kind mee willen nemen?

Mijn ervaring met kleuters is dat ze in geval van nood, overmand door emoties, niet meer kunnen praten, niet weten waar ze wonen en soms niet eens weten wat hun eigen naam is. Dus hoe reëel is het om te denken dat een kleuter in geval van nood in staat is om je te bellen?

Eigen schuld, dikke bult?

En ik vraag me af, hoe zit het eigenlijk met ‘verantwoordelijkheid’? Ik bedoel, draag je met het aanschaffen van een mobiel een stukje verantwoordelijkheid voor veiligheid over van jezelf naar je kind? Onder het mom, je kunt me bellen en als dat niet lukt: eigen schuld, dikke bult?

In mijn ogen moet een kleuter altijd kunnen spelen, zonder besef van tijd. Volledig opgaan in fantasie. En weten dat er altijd iemand in de buurt is die voor ze zorgt op het moment dat dat nodig is.

Hoe sta jij hier in? Deel het met me!

Please follow and like us:

Online imago

 

De vraag die andere jonge ouders mij vaak stellen is waarom ik mijn dochter niet of nauwelijks (herkenbaar) online laat zien op Facebook, Instagram of andere social media kanalen.

Het antwoord op die vraag is meer een gevoelskwestie. Zoals opvoeden dat eigenlijk altijd is. Je doet maar wat, leest wat, maakt keuzes, kijkt en voelt of het bij je past en stelt zo nodig besluiten bij.

Eenmaal online, altijd online

Natuurlijk mocht de hele wereld weten dat onze dochter geboren was. Wij, kersverse ouders, waren zo trots. De ene foto na de andere slingerde we ongecensureerd het web op. De maanden verstreken en het delen werd minder. Onze gedachte was: eenmaal online is voor altijd online, voor nu maar ook voor de verdere toekomst. Willen we dat?

Het voelde niet goed, dus deden we het niet zo vaak meer en zeker niet openbaar. We stapten over op het delen van foto’s via WhatsApp en maakten diverse groepen aan om foto’s alleen met familie en vrienden te kunnen delen.

Tijdens mijn opleiding tot MediaCoach werd mijn blik nog kritischer en stelde ik mezelf vragen ook als:

Waarom deel ik online foto’s van mijn dochter?

Wat betekent het voor haar, voor nu maar ook voor later?

Welke invloed heeft het op haar toekomst?

‘Online imago’

De antwoorden op die vragen waren niet eenduidig, we kunnen immers niet in de toekomst kijken. Wel weet ik zeker dat de ‘online wereld’ in de komende jaren nog van veel grotere invloed gaat worden dan nu. En daarom vind ik het ook belangrijk om stil te staan met welk ‘online imago’ ik mijn dochter op laat groeien.

Grappige mijlpalen & koude rillingen

En toen kwam ineens het bericht dat de politie steeds vaker onschuldige huis-, tuin-, en vakantiekiekjes van kinderen aantreft in de collectie van pedofielen, verscholen op een duister netwerk, maar verworven door gewoon op social media rond te struinen.

De foto’s van haar eerste stapjes, het filmpje van de macaroni tot achter haar oren. Voor ons belangrijke mijlpalen en grappig. Maar door andere ogen bestaat de kans dat deze beelden ineens met een ander doel bekeken worden. Een idee waar ik echt koude rillingen van krijg.

Mijn dochter mag zijn wie zij is

Toen besloot ik:

  • geen (herkenbare) foto’s meer online en
  • zeker niet openbaar.

Met vrienden en familie hebben we de afspraak gemaakt dat ze nooit zonder onze toestemming foto’s plaatsen, delen of naar anderen versturen. En ik moet eerlijk zijn, soms barsten we bijna uit elkaar van trots en willen we haar met de hele wereld delen. Dan bespreken mijn man en ik het met elkaar en maken we opnieuw een overweging. Meestal komen we tot de conclusie dat wij het vooral belangrijk vinden dat zij voelt dat wij trots op haar zijn, dat ze mag zijn wie ze is.

En daar heeft zij de ‘likes’ van de rest van de wereld volgens mij niet voor nodig…

Please follow and like us: